bible.software › 2 Samuël › 2 Samuël 1 › 2 Samuël 1:5
2 Samuël 1:5
En David zeide tot den jongen, die hem de boodschap bracht: Hoe weet gij, dat Saul dood is, en zijn zoon Jonathan?
Dutch Statenvertaling Bijbel
In The King James Version
And David said unto the young man that told him, How knowest thou that Saul and Jonathan his son be dead?
In Context
4Voorts zeide David tot hem: Wat is de zaak? Verhaal het mij toch. En hij zeide, dat het volk uit den strijd gevloden was, en dat er ook velen van het volk gevallen en gestorven waren, dat ook Saul en zijn zoon Jonathan dood waren.
6Toen zeide de jongen, die hem de boodschap bracht: Ik kwam bij geval op het gebergte van Gilboa; en ziet, Saul leunde op zijn spies; en ziet, de wagens en ritmeesters hielden dicht op hem.
Read all of 2 Samuël 1
Cross References
Proverbs 25:2Het is Gods eer een zaak te verbergen; maar de eer der koningen een zaak te doorgronden.
This Verse In Other Editions
Study 2 Samuël 1:5