Job 9:18
Hij laat mij niet toe mijn adem te verhalen; maar Hij verzadigt mij met bitterheden.
Dutch Statenvertaling Bijbel
In The King James Version
He will not suffer me to take my breath, but filleth me with bitterness.
In Context
17Want Hij vermorzelt mij door een onweder, en vermenigvuldigt mijn wonden zonder oorzaak.
19Zo het aan de kracht komt, zie, Hij is sterk; en zo het aan het recht komt, wie zal mij dagvaarden?
Cross References
Ruth 1:20Maar zij zeide tot henlieden: Noemt mij niet Naomi, noemt mij Mara; want de Almachtige heeft mij grote bitterheid aangedaan.
Job 7:19Hoe lang keert Gij U niet af van mij, en laat niet van mij af, totdat ik mijn speeksel inzwelge?
Psalms 39:13Hoor, HEERE! mijn gebed, en neem mijn geroep ter ore; zwijg niet tot mijn tranen; want ik ben een vreemdeling bij U, een bijwoner, gelijk al mijn vaders. Wend U van mij af, dat ik mij verkwikke, eer dat ik heenga, en ik niet meer zij.
Psalms 88:15HEERE! waarom verstoot Gij mijn ziel, en verbergt Uw aanschijn voor mij?
Lamentations 3:3Aleph. Hij heeft Zich immers tegen mij gewend, Hij heeft Zijn hand den gansen dag veranderd.
Lamentations 3:18Vau. Toen zeide ik: Mijn sterkte is vergaan, en mijn hoop van den HEERE.