Spreuken 21:10
De ziel des goddelozen begeert het kwaad; zijn naaste krijgt geen genade in zijn ogen.
Dutch Statenvertaling Bijbel
In The King James Version
The soul of the wicked desireth evil: his neighbour findeth no favour in his eyes.
In Context
Cross References
Psalms 36:4De woorden zijns monds zijn onrecht en bedrog; hij laat na te verstaan tot weldoen.
Psalms 52:3Wat beroemt gij u in het kwaad, o gij geweldige? Gods goedertierenheid duurt toch den gansen dag.
Psalms 112:9Pe. Hij strooit uit, hij geeft den nooddruftige; Tsade. zijn gerechtigheid bestaat in eeuwigheid; Koph. zijn hoorn zal verhoogd worden in eer.
Proverbs 12:12De goddeloze begeert het net der bozen; maar de wortel der rechtvaardigen zal uitgeven.
Isaiah 32:6Want een dwaas spreekt dwaasheid, en zijn hart doet ongerechtigheid, om huichelarij te plegen, en om dwaling te spreken tegen den HEERE, om de ziel des hongerigen ledig te laten, en den dorstige drank te doen ontbreken.
Mark 7:21Want van binnen uit het hart der mensen komen voort kwade gedachten, overspelen, hoererijen, doodslagen,