Spreuken 24:21
Mijn zoon! vrees den HEERE en den koning; vermeng u niet met hen, die naar verandering staan;
Dutch Statenvertaling Bijbel
In The King James Version
My son, fear thou the LORD and the king: and meddle not with them that are given to change:
In Context
20Want de kwade zal geen beloning hebben, de lamp der goddelozen zal uitgeblust worden.
22Want hun verderf zal haastelijk ontstaan; en wie weet hun beider ondergang?
Cross References
Exodus 14:31Ook zag Israel de grote hand, die de HEERE aan de Egyptenaren bewezen had; en het volk vreesde den HEERE, en geloofde in den HEERE, en aan Mozes, Zijn knecht.
1 Samuel 8:5En zij zeiden tot hem: Zie, gij zijt oud geworden, en uw zonen wandelen niet in uw wegen; zo zet nu een koning over ons, om ons te richten, gelijk al de volken hebben.
1 Samuel 24:6Doch het geschiedde daarna, dat Davids hart hem sloeg, omdat hij de slip van Saul afgesneden had.
2 Samuel 18:8Want de strijd werd aldaar verspreid over al dat land. En het woud verteerde meer van het volk, dan die het zwaard verteerde, te denzelven dage.
1 Kings 12:16Toen gans Israel zag, dat de koning naar hen niet hoorde, zo gaf het volk den koning weder antwoord, zeggende: Wat deel hebben wij aan David? Ja, geen erve hebben wij aan den zoon van Isai; naar uw tenten, o Israel! Voorzie nu uw huis, o David! Zo ging Israel naar zijn tenten.
Proverbs 23:17Uw hart zij niet nijdig over de zondaren; maar zijt ten allen dage in de vreze des HEEREN.