Spreuken 6:7
Dewelke, geen overste, ambtman noch heerser hebbende,
Dutch Statenvertaling Bijbel
In The King James Version
Which having no guide, overseer, or ruler,
In Context
6Ga tot de mier, gij luiaard! zie haar wegen, en word wijs;
8Haar brood bereidt in den zomer, haar spijs vergadert in den oogst.
Cross References
Job 38:39Zult gij voor den ouden leeuw roof jagen, of de graagheid der jonge leeuwen vervullen?
Job 41:4Zal hij een verbond met u maken? Zult gij hem aannemen tot een eeuwigen slaaf?