Psalmen 10:4
De goddeloze, gelijk hij zijn neus omhoog steekt, onderzoekt niet; al zijn gedachten zijn, dat er geen God is.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
3Want de goddeloze roemt over den wens zijner ziel; hij zegent den gierigaard, hij lastert den HEERE.
Cross References
Exodus 5:2Maar Farao zeide: Wie is de HEERE, Wiens stem ik gehoorzamen zou, om Israel te laten trekken? Ik ken den HEERE niet, en ik zal ook Israel niet laten trekken.
Job 22:17Die zeiden tot God: Wijk van ons! En wat had de Almachtige hun gedaan?
Psalms 18:27(18:28) Want Gij verlost het bedrukte volk, maar de hoge ogen vernedert Gij.
Psalms 36:1Een psalm van David, den knecht des HEEREN, voor den opperzangmeester. (36:2) De overtreding des goddelozen spreekt in het binnenste van mijn hart: Er is geen vreze Gods voor zijn ogen.
Psalms 73:11Dat zij zeggen: Hoe zou het God weten, en zou er wetenschap zijn bij den Allerhoogste?
Proverbs 6:17Hoge ogen, een valse tong, en handen, die onschuldig bloed vergieten;