Psalmen 119:20
Mijn ziel is verbroken vanwege het verlangen naar Uw oordelen te aller tijd.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
My soul breaketh for the longing that it hath unto thy judgments at all times.
In Context
19Ik ben een vreemdeling op de aarde, verberg Uw geboden voor mij niet.
21Gij scheldt de vervloekte hovaardigen, die van Uw geboden afdwalen.
Cross References
Job 27:10Zal hij zich verlustigen in den Almachtige? Zal hij God aanroepen te aller tijd?
Psalms 63:1Een psalm van David, als hij was in de woestijn van Juda. (63:2) O God! Gij zijt mijn God! ik zoek U in den dageraad; mijn ziel dorst naar U; mijn vlees verlangt naar U, in een land, dor en mat, zonder water.
Psalms 106:3Welgelukzalig zijn zij, die het recht onderhouden, die te aller tijd gerechtigheid doet.
Psalms 119:131Ik heb mijn mond wijd opengedaan, en gehijgd, want ik heb verlangd naar Uw geboden.
Proverbs 13:12De uitgestelde hoop krenkt het hart; maar de begeerte, die komt, is een boom des levens.
Song of Solomon 5:8Ik bezweer u, gij dochters van Jeruzalem! indien gij mijn Liefste vindt, wat zult gij Hem aanzeggen? Dat ik krank ben van liefde.