Psalmen 119:53
Grote beroering heeft mij bevangen vanwege de goddelozen, die Uw wet verlaten.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
Horror hath taken hold upon me because of the wicked that forsake thy law.
In Context
52Ik heb gedacht, o HEERE! aan Uw oordelen van ouds aan, en heb mij getroost.
54Uw inzettingen zijn mij gezangen geweest, ter plaatse mijner vreemdelingschappen.
Cross References
Ezra 9:14Zullen wij nu wederkeren, om Uw geboden te vernietigen, en ons te verzwageren met de volken dezer gruwelen? Zoudt Gij niet tegen ons toornen tot verterens toe, dat er geen overblijfsel noch ontkoming zij?
Nehemiah 5:6Toen ik nu hun geroep en deze woorden hoorde, ontstak ik zeer.
Psalms 89:30(89:31) Indien zijn kinderen Mijn wet verlaten, en in Mijn rechten niet wandelen;
Psalms 119:158Ik heb gezien degenen, die trouwelooslijk handelen, en het verdroot mij, dat zij Uw woord niet onderhielden.
Daniel 4:19Toen ontzette zich Daniel, wiens naam Beltsazar is, bij een uur lang, en zijn gedachten beroerden hem. De koning antwoordde en zeide: Beltsazar! laat u de droom en zijn uitlegging niet beroeren. Beltsazar antwoordde en zeide: Mijn heer! de droom wedervare uw hateren, en zijn uitlegging uw wederpartijders!
Luke 19:41En als Hij nabij kwam, en de stad zag, weende Hij over haar,