The Bible Software
bible.software › Psalmen › Psalmen 129 › Psalmen 129:6

Psalmen 129:6

Laat hen worden als gras op de daken, hetwelk verdort, eer men het uittrekt;

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

Let them be as the grass upon the housetops, which withereth afore it groweth up:

In Context

5Laat hen beschaamd en achterwaarts gedreven worden, allen, die Sion haten.

7Waarmede de maaier zijn hand niet vult, noch de garvenbinder zijn arm;

Read all of Psalmen 129

Cross References

2 Kings 19:26Daarom waren haar inwoners handeloos; zij waren verslagen en beschaamd; zij waren als het gras des velds, en de groene grasscheutjes, het hooi der daken, en het brandkoren, eer het over einde staat.

Psalms 92:7(92:8) Dat de goddelozen groeien als het kruid, en al de werkers der ongerechtigheid bloeien, opdat zij tot in der eeuwigheid verdelgd worden.

Jeremiah 17:5Zo zegt de HEERE: Vervloekt is de man, die op een mens vertrouwt, en vlees tot zijn arm stelt, en wiens hart van den HEERE afwijkt!

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Біблія (Українська)

Study Psalmen 129:6

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschCharles SpurgeonScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Psalmen 129:5Psalmen 129Psalmen 129:7 →