Psalmen 38:1
Een psalm van David, om te doen gedenken. (38:2) O HEERE! straf mij niet in Uw groten toorn, en kastijd mij niet in Uw grimmigheid.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
O LORD, rebuke me not in thy wrath: neither chasten me in thy hot displeasure.
In Context
2(38:3) Want Uw pijlen zijn in mij gedaald, en Uw hand is op mij nedergedaald.
Cross References
Deuteronomy 9:19Want ik vreesde vanwege den toorn en de grimmigheid waarmede de HEERE zeer op ulieden vertoornd was, om u te verdelgen; doch de HEERE verhoorde mij ook op dat maal.
Psalms 70:1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, om te doen gedenken. (70:2) Haast U, o God, om mij te verlossen, o HEERE, tot mijn hulp.
Psalms 88:15(88:16) Van der jeugd aan ben ik bedrukt en doodbrakende; ik draag Uw vervaarnissen, ik ben twijfelmoedig.
Isaiah 54:8In een kleinen toorn heb Ik Mijn aangezicht van u een ogenblik verborgen; maar met eeuwige goedertierenheid zal Ik Mij uwer ontfermen, zegt de HEERE, uw Verlosser.
Jeremiah 30:11Want Ik ben met u, spreekt de HEERE, om u te verlossen; want Ik zal een voleinding maken met al de heidenen, waarhenen Ik u verstrooid heb; maar met u zal Ik geen voleinding maken; maar Ik zal u kastijden met mate, en u niet gans onschuldig houden.
Hebrews 12:5En gij hebt vergeten de vermaning, die tot u als tot zonen spreekt: Mijn zoon, acht niet klein de kastijding des Heeren, en bezwijkt niet, als gij van Hem bestraft wordt;