Hooglied 1:17
De balken onzer huizen zijn cederen, onze galerijen zijn cipressen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
The beams of our house are cedar, and our rafters of fir.
In Context
16Zie, gij zijt schoon, mijn Liefste, ja, liefelijk; ook groent onze bedstede.
Cross References
1 Kings 6:9Alzo bouwde hij het huis, en volmaakte het; en bedekte dat huis met gewelven en rijen van cederen.
Psalms 92:12(92:13) De rechtvaardige zal groeien als een palmboom; hij zal wassen als een cederboom op Libanon.
Song of Solomon 8:9Zo zij een muur is, wij zullen een paleis van zilver op haar bouwen; en zo zij een deur is, wij zullen haar rondom bezetten met cederen planken.
Ezekiel 42:3Tegenover de twintig ellen, die het binnenste voorhof had, en tegenover het plaveisel, dat het buitenste voorhof had, was galerij tegen galerij, in drie rijen.
Hebrews 11:10Want hij verwachtte de stad, die fondamenten heeft, welker Kunstenaar en Bouwmeester God is.