The Bible Software
bible.software1 Chronicles1 Chronicles 1 › 1 Chronicles 1:39

1 Chronicles 1:39

De kinderen van Lotan nu waren Hori en Homam; en de zuster van Lotan was Timna.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

And the sons of Lotan; Hori, and Homam: and Timna was Lotan’s sister.

In Context

38De kinderen van Seir nu waren Lotan, en Sobal, en Zibeon, en Ana, en Dison, en Ezer, en Disan.

40De kinderen van Sobal waren Aljan, en Manahath, en Ebal, Sefi en Onam; en de kinderen van Zibeon waren Aja en Ana.

Read all of 1 Chronicles 1

Cross References

Genesis 36:22En de zonen van Lotan waren Hori en Hemam; en Lotans zuster was Timna.

Deuteronomy 2:22Gelijk als Hij aan de kinderen van Ezau, die in Seir wonen, gedaan heeft, voor welker aangezicht Hij de Horieten verdelgde; en zij verdreven hen uit de bezitting, en hebben aan hun plaats gewoond tot op dezen dag.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study 1 Chronicles 1:39

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← 1 Chronicles 1:381 Chronicles 11 Chronicles 1:40 →