1 Chronicles 25:21
Het veertiende voor Mattithja; zijn zonen en zijn broederen, twaalf.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
The fourteenth to Mattithiah, he, his sons, and his brethren, were twelve:
In Context
20Het dertiende voor Subael; zijn zonen en zijn broederen, twaalf.
22Het vijftiende voor Jeremoth; zijn zonen en zijn broederen, twaalf.
Cross References
1 Chronicles 25:3Aangaande Jeduthun: de kinderen van Jeduthun waren Gedalja, en Zeri, en Jesaja, Hasabja en Mattithja, zes; aan de handen van hun vader Jeduthun, op harpen profeterende met den HEERE te danken en te loven.