1 Kronieken 6:47
Den zoon van Maheli, den zoon van Musi, den zoon van Merari, den zoon van Levi.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
The son of Mahli, the son of Mushi, the son of Merari, the son of Levi.
In Context
46Den zoon van Amzi, den zoon van Bani, den zoon van Semer,
48Hun broeders nu, de Levieten, waren gegeven tot allerlei dienst des tabernakels van het huis Gods.
Cross References
Numbers 3:20En de zonen van Merari, naar hun geslachten: Maheli en Musi; dit zijn de geslachten der Levieten, naar het huis hunner vaderen.
Numbers 4:42En de getelden van de geslachten der zonen van Merari, naar hun geslachten, naar het huis hunner vaderen,
Numbers 10:17Toen werd de tabernakel afgenomen, en de zonen van Gerson, en de zonen van Merari togen op, dragende den tabernakel.
Joshua 21:27En aan de kinderen van Gerson, van de huisgezinnen der Levieten, van den halven stam van Manasse, de vrijstad des doodslagers, Golan in Bazan, en haar voorsteden, en Beesthera en haar voorsteden: twee steden.
1 Chronicles 6:56Maar het veld der stad, en haar dorpen, gaven zij Kaleb, den zoon van Jefunne.
1 Chronicles 23:28Omdat hun standplaats was aan de hand der zonen van Aaron in den dienst van het huis des HEEREN, over de voorhoven, en over de kameren, en over de reiniging van alle heilige dingen, en het werk van den dienst van het huis Gods;