bible.software › 1 Samuël › 1 Samuël 12 › 1 Samuël 12:4
1 Samuël 12:4
Toen zeiden zij: Gij hebt ons niet verongelijkt, en gij hebt ons niet onderdrukt, en gij hebt van niemands hand iets genomen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And they said, Thou hast not defrauded us, nor oppressed us, neither hast thou taken ought of any man’s hand.
In Context
3Ziet, hier ben ik, betuigt tegen mij voor den HEERE, en voor Zijn gezalfde, wiens os ik genomen heb, en wiens ezel ik genomen heb, en wien ik verongelijkt heb, wien ik onderdrukt heb, en van wiens hand ik een geschenk genomen heb, dat ik mijn ogen van hem zou verborgen hebben; zo zal ik het ulieden wedergeven.
5Toen zeide hij tot hen: De HEERE zij een Getuige tegen ulieden, en Zijn gezalfde zij te dezen dage getuige, dat gij in mijn hand niets gevonden hebt! En het volk zeide: Hij zij Getuige!
Read all of 1 Samuël 12
Cross References
Psalms 37:5Gimel. Wentel uw weg op den HEERE, en vertrouw op Hem; Hij zal het maken;
3 John 1:12Aan Demetrius wordt getuigenis gegeven van allen, en van de waarheid zelve; en wij getuigen ook, en gij weet, dat onze getuigenis waarachtig is.
This Verse In Other Editions
Study 1 Samuël 12:4