1 Samuël 20:32
Toen antwoordde Jonathan Saul, zijn vader, en zeide tot hem: Waarom zal hij gedood worden? Wat heeft hij gedaan?
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
Cross References
1 Samuel 18:11En Saul schoot de spies, en zeide: Ik zal David aan den wand spitten; maar David wendde zich tweemaal van zijn aangezicht af.
1 Samuel 19:10Saul nu zocht met de spies David aan den wand te spitten, doch hij ontweek van het aangezicht van Saul, die met de spies in den wand sloeg. Toen vlood David, en ontkwam in dienzelfden nacht.
1 Samuel 20:7Indien hij aldus zegt: Het is goed, zo heeft uw knecht vrede; maar indien hij gans ontstoken is, zo weet, dat het kwaad bij hem ten volle besloten is.
Proverbs 24:11Red degenen, die ter dood gegrepen zijn; want zij wankelen ter doding, zo gij u onthoudt.
Ecclesiastes 7:9Zijt niet haastig in uw geest om te toornen; want de toorn rust in den boezem der dwazen.
Jeremiah 17:9Arglistig is het hart, meer dan enig ding, ja, dodelijk is het, wie zal het kennen?