1 Thessalonicenzen 4:6
Dat niemand zijn broeder vertrede, noch bedriege in zijn handeling; want de Heere is een wreker over dit alles, gelijk wij u ook te voren gezegd en betuigd hebben.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
5Niet in kwade beweging der begeerlijkheid, gelijk als de heidenen, die God niet kennen.
7Want God heeft ons niet geroepen tot onreinigheid, maar tot heiligmaking.
Read all of 1 Thessalonicenzen 4
Cross References
Exodus 20:17Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn os, noch zijn ezel, noch iets, dat uws naasten is.
Leviticus 19:13Gij zult uw naaste niet bedriegelijk verdrukken, noch beroven; des dagloners arbeidsloon zal bij u niet vernachten tot aan den morgen.
Leviticus 25:17Dat dan niemand zijn naaste verdrukke; maar vreest voor uw God; want Ik ben de HEERE, uw God!
Deuteronomy 25:13Gij zult geen tweeerlei weegstenen in uw zak hebben; een groten en een kleinen.
1 Samuel 12:3Ziet, hier ben ik, betuigt tegen mij voor den HEERE, en voor Zijn gezalfde, wiens os ik genomen heb, en wiens ezel ik genomen heb, en wien ik verongelijkt heb, wien ik onderdrukt heb, en van wiens hand ik een geschenk genomen heb, dat ik mijn ogen van hem zou verborgen hebben; zo zal ik het ulieden wedergeven.
Psalms 94:1O God der wraken! o HEERE, God der wraken! verschijn blinkende.