2 Chronicles 2:4
Zie, ik zal een huis voor den Naam des HEEREN, mijns Gods, bouwen, om Hem te heiligen, om reukwerk der welriekende specerijen voor Zijn aangezicht aan te steken, en voor de toerichting des gedurigen broods, en voor de brandofferen des morgens en des avonds, op de sabbatten, en op de nieuwe maanden, en op de gezette hoogtijden des HEEREN, onzes Gods; hetwelk voor eeuwig is in Israel.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
5En het huis, dat ik zal bouwen, zal groot zijn; want onze God is groter dan alle goden.
Cross References
Exodus 29:38Dit nu is het, wat gij op het altaar bereiden zult: twee lammeren, die eenjarig zijn, des daags, geduriglijk.
Leviticus 23:1Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
Numbers 28:1Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
1 Kings 8:63En Salomo offerde ten dankoffer, dat hij den HEERE offerde, twee en twintig duizend runderen, en honderd en twintig duizend schapen. Alzo hebben zij het huis des HEEREN ingewijd, de koning en al de kinderen Israels.
2 Chronicles 2:1Salomo nu dacht voor den Naam des HEEREN een huis te bouwen, en een huis voor zijn koninkrijk.
Psalms 96:4Want de HEERE is groot, en zeer te prijzen; Hij is vreselijk boven alle goden.