2 Koningen 9:28
En zijn knechten voerden hem naar Jeruzalem, en zij begroeven hem in zijn graf, bij zijn vaderen in de stad Davids.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
29In het elfde jaar nu van Joram, den zoon van Achab, was Ahazia koning geworden over Juda.
Cross References
1 Kings 2:10En David ontsliep met zijn vaderen, en werd begraven in de stad Davids.
2 Kings 12:21Want Jozacar, de zoon van Simeath, en Jozabad, de zoon van Somer, zijn knechten, sloegen hem, dat hij stierf; en zij begroeven hem met zijn vaderen in de stad Davids; en Amazia, zijn zoon, werd koning in zijn plaats.
2 Kings 23:20En hij slachtte al de priesteren der hoogten, die daar waren, op de altaren, en verbrandde mensenbeenderen op dezelve. Daarna keerde hij weder naar Jeruzalem.
2 Chronicles 25:28En zij brachten hem op paarden, en begroeven hem bij zijn vaderen in de stad van Juda.