2 Samuël 14:9
En de Thekoietische vrouw zeide tot den koning: Mijn heer koning, de ongerechtigheid zij op mij en op mijns vaders huis; de koning daarentegen, en zijn stoel, zij onschuldig.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
8Toen zeide de koning tot deze vrouw: Ga naar uw huis, en ik zal voor u gebieden.
Cross References
Genesis 27:13En zijn moeder zeide tot hem: Uw vloek zij op mij, mijn zoon! hoor alleen naar mijn stem, en ga, haal ze mij.
Deuteronomy 21:1Wanneer in het land, hetwelk de HEERE, uw God, u geven zal, om dat te erven, een verslagene zal gevonden worden, liggende in het veld, niet bekend zijnde, wie hem geslagen heeft;
2 Samuel 3:28Als David dat daarna hoorde, zo zeide hij: Ik ben onschuldig, en mijn koninkrijk, bij den HEERE, tot in eeuwigheid, van het bloed van Abner, den zoon van Ner.
Matthew 27:25En al het volk, antwoordende, zeide: Zijn bloed kome over ons, en over onze kinderen.