Acts 27:38
En als zij met spijze verzadigd waren, lichtten zij het schip, en wierpen het koren uit in de zee.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And when they had eaten enough, they lightened the ship, and cast out the wheat into the sea.
In Context
37Wij waren nu in het schip in alles tweehonderd zes en zeventig zielen.
Cross References
Job 2:4Toen antwoordde de satan den HEERE, en zeide: Huid voor huid, en al wat iemand heeft, zal hij geven voor zijn leven.
Jonah 1:5Toen vreesden de zeelieden, en riepen een iegelijk tot zijn god, en wierpen de vaten, die in het schip waren, in de zee, om het van dezelve te verlichten; maar Jona was nedergegaan aan de zijden van het schip, en lag neder, en was met een diepen slaap bevangen.
Matthew 16:26Want wat baat het een mens, zo hij de gehele wereld gewint, en lijdt schade zijner ziel? Of wat zal een mens geven, tot lossing van zijn ziel?
Acts 27:18En alzo wij van het onweder geweldiglijk geslingerd werden, deden zij den volgende dag een uitworp;