bible.software › Deuteronomium › Deuteronomium 1 › Deuteronomium 1:22
Deuteronomium 1:22
Toen naderdet gij allen tot mij, en zeidet: Laat ons mannen voor ons aangezicht heenzenden, die ons het land uitspeuren, en ons bescheid wederbrengen, wat weg wij daarin optrekken zullen, en tot wat steden wij komen zullen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And ye came near unto me every one of you, and said, We will send men before us, and they shall search us out the land, and bring us word again by what way we must go up, and into what cities we shall come.
In Context
21Ziet, de HEERE, uw God, heeft dat land gegeven voor uw aangezicht; trekt op, bezit het erfelijk, gelijk als de HEERE, uwer vaderen God, tot u gesproken heeft; vreest niet, en ontzet u niet.
23Deze zaak nu was goed in mijn ogen; zo nam ik uit u twaalf mannen, van elken stam een man.
Read all of Deuteronomium 1
Cross References
Numbers 13:1En de HEERE sprak tot Mozes, zeggende:
This Verse In Other Editions
Study Deuteronomium 1:22