bible.software › Deuteronomium › Deuteronomium 2 › Deuteronomium 2:20
Deuteronomium 2:20
Dit werd ook voor een land der reuzen gehouden; de reuzen woonden te voren daarin, en de Ammonieten noemden hen Zamzummieten;
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
(That also was accounted a land of giants: giants dwelt therein in old time; and the Ammonites call them Zamzummims;
In Context
19En gij zult naderen tegenover de kinderen Ammons; beangstig die niet, en meng u met hen niet; want Ik zal u van het land der kinderen Ammons geen erfenis geven, dewijl Ik het aan Lots kinderen ter erfenis gegeven heb.
21Een groot, en menigvuldig, en lang volk, als de Enakieten; en de HEERE verdelgde hen voor hun aangezicht, zodat zij hen uit de bezitting verdreven, en aan hunlieder plaats woonden;
Read all of Deuteronomium 2
This Verse In Other Editions
Study Deuteronomium 2:20