Ezechiël 12:7
En ik deed alzo, gelijk als mij bevolen was; ik bracht mijn gereedschap uit bij dag, als het gereedschap dergenen, die vertrekken; daarna in den avond doorgroef ik mij den wand met de hand; ik bracht het uit in donker, en ik droeg het op den schouder voor hun ogen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
8En des morgens geschiedde het woord des HEEREN tot mij, zeggende:
Cross References
Jeremiah 32:8Alzo kwam Hanameel, mijns ooms zoon, naar des HEEREN woord, tot mij, in het voorhof der bewaring, en zeide tot mij: Koop toch mijn veld, hetwelk is bij Anathoth, dat in het land van Benjamin is; want gij hebt het erfrecht, en gij hebt de lossing, koop het voor u. Toen merkte ik, dat het des HEEREN woord was.
Ezekiel 12:3Daarom gij, mensenkind, maak u gereedschap van vertrekking; en vertrek bij dag voor hun ogen; en gij zult vertrekken van uw plaats tot een andere plaats voor hun ogen; misschien zullen zij het merken, hoewel zij een wederspannig huis zijn.
Ezekiel 37:7Toen profeteerde ik, gelijk mij bevolen was, en er werd een geluid, als ik profeteerde, en ziet een beroering! en de beenderen naderden, elk been tot zijn been.
Matthew 21:6En de discipelen heengegaan zijnde, en gedaan hebbende, gelijk Jezus hun bevolen had,
John 2:5Zijn moeder zeide tot de dienaars: Zo wat Hij ulieden zal zeggen, doet dat.
Acts 26:19Daarom, o koning Agrippa, ben ik dat Hemels gezicht niet ongehoorzaam geweest;