bible.software › Genesis › Genesis 24 › Genesis 24:9
Genesis 24:9
Toen legde de knecht zijn hand onder de heup van Abraham, zijn heer, en hij zwoer hem over deze zaak.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And the servant put his hand under the thigh of Abraham his master, and sware to him concerning that matter.
In Context
8Maar indien de vrouw u niet volgen wil, zo zult gij rein zijn van dezen mijn eed; alleenlijk breng mijn zoon daar niet weder heen.
10En die knecht nam tien kemelen van zijns heren kemelen, en toog heen; en al het goed zijns heren was in zijn hand; en hij maakte zich op, en toog heen naar Mesopotamie, naar de stad van Nahor.
Read all of Genesis 24
This Verse In Other Editions
Study Genesis 24:9