The Bible Software
bible.softwareGenesisGenesis 26 › Genesis 26:14

Genesis 26:14

En hij had bezitting van schapen, en bezitting van runderen, en groot gezin; zodat hem de Filistijnen benijdden.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

For he had possession of flocks, and possession of herds, and great store of servants: and the Philistines envied him.

In Context

13En die man werd groot, ja, hij werd doorgaans groter, totdat hij zeer groot geworden was.

15En al de putten, die de knechten van zijn vader, in de dagen van zijn vader Abraham, gegraven hadden, die stopten de Filistijnen, en vulden dezelve met aarde.

Read all of Genesis 26

Cross References

Genesis 13:2En Abram was zeer rijk, in vee, in zilver, en in goud.

1 Samuel 18:9En Saul had het oog op David, van dien dag af en voortaan.

Job 5:2Want den dwaze brengt de toornigheid om, en de ijver doodt den slechte.

Psalms 112:3He. In zijn huis zal have en rijkdom wezen; Vau. en zijn gerechtigheid bestaat in eeuwigheid.

Psalms 144:13Dat onze winkelen vol zijnde, den enen voorraad na den anderen uitgeven; dat onze kudden bij duizenden werpen, ja, bij tienduizenden op onze hoeven vermenigvuldigen.

Proverbs 27:4Grimmigheid en overloping van toorn is wreedheid; maar wie zal voor nijdigheid bestaan?

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Genesis 26:14

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Genesis 26:13Genesis 26Genesis 26:15 →