Genesis 29:16
En Laban had twee dochters: de naam der grootste was Lea; en de naam der kleinste was Rachel.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And Laban had two daughters: the name of the elder was Leah, and the name of the younger was Rachel.
In Context
17Doch Lea had tedere ogen; maar Rachel was schoon van gedaante, en schoon van aangezicht.
Cross References
Genesis 29:17Doch Lea had tedere ogen; maar Rachel was schoon van gedaante, en schoon van aangezicht.
Genesis 30:19En Lea werd wederom bevrucht, en zij baarde Jakob den zesden zoon.
Genesis 33:2En hij stelde de dienstmaagden en haar kinderen vooraan; en Lea en haar kinderen meer achterwaarts; maar Rachel en Jozef de achterste.
Genesis 46:15Dit zijn de zonen van Lea, die zij Jakob gebaard heeft in Paddan-Aram, met Dina zijn dochter; al de zielen zijner zonen en zijner dochteren waren drie en dertig.
Ruth 4:11En al het volk, dat in de poort was, mitsgaders de oudsten zeiden: Wij zijn getuigen; de HEERE make deze vrouw, die in uw huis komt, als Rachel en als Lea, die beiden het huis van Israel gebouwd hebben; en handel kloekelijk in Efratha, en maak uw naam vermaard in Bethlehem!