Genesis 32:28
Toen zeide Hij: Uw naam zal voortaan niet Jakob heten, maar Israel; want gij hebt u vorstelijk gedragen met God en met de mensen, en hebt overmocht.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
27En Hij zeide tot hem: Hoe is uw naam? En hij zeide: Jakob.
Cross References
Genesis 17:5En uw naam zal niet meer genoemd worden Abram; maar uw naam zal wezen Abraham; want Ik heb u gesteld tot een vader van menigte der volken.
Genesis 25:31Toen zeide Jakob: Verkoop mij op dezen dag uw eerstgeboorte.
Genesis 31:24Doch God kwam tot Laban, den Syrier, in een droom des nachts, en Hij zeide tot hem: Wacht u, dat gij met Jakob spreekt, noch goed, noch kwaad.
Genesis 32:24Doch Jakob bleef alleen over; en een man worstelde met hem, totdat de dageraad opging.
Genesis 33:20En hij richte aldaar een altaar op, en noemde het: De God Israels is God!
Numbers 13:16Dit zijn de namen der mannen, die Mozes zond, om dat land te verspieden; en Mozes noemde Hosea, den zoon van Nun, Jozua.