Genesis 37:1
En Jakob woonde in het land der vreemdelingschappen zijns vaders, in het land Kanaan.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And Jacob dwelt in the land wherein his father was a stranger, in the land of Canaan.
In Context
Cross References
Genesis 23:4Ik ben een vreemdeling en inwoner bij u; geeft mij een erfbegrafenis bij u, opdat ik mijn dode van voor mijn aangezicht begrave.
Genesis 36:7Want hun have was te veel, om samen te wonen; en het land hunner vreemdelingschappen kon ze niet dragen vanwege hun vee.