Genesis 9:20
En Noach begon een akkerman te zijn, en hij plantte een wijngaard.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And Noah began to be an husbandman, and he planted a vineyard:
In Context
19Deze drie waren de zonen van Noach; en van dezen is de ganse aarde overspreid.
21En hij dronk van dien wijn, en werd dronken; en hij ontblootte zich in het midden zijner tent.
Cross References
Genesis 3:18Ook zal het u doornen en distelen voortbrengen, en gij zult het kruid des velds eten.
Genesis 4:2En zij voer voort te baren zijn broeder Habel; en Habel werd een schaapherder, en Kain werd een landbouwer.
Deuteronomy 20:6En wie is de man, die een wijngaard geplant heeft, en deszelfs vrucht niet heeft genoten? Die ga henen en kere weder naar zijn huis, opdat hij niet misschien in den strijd sterve en iemand anders die geniete.
Proverbs 10:11De mond des rechtvaardigen is een springader des levens; maar het geweld bedekt den mond der goddelozen.
Proverbs 24:30Ik ging voorbij den akker eens luiaards, en voorbij den wijngaard van een verstandeloos mens;
Song of Solomon 1:6Ziet mij niet aan, dat ik zwartachtig ben, omdat mij de zon heeft beschenen; de kinderen mijner moeder waren tegen mij ontstoken, zij hebben mij gezet tot een hoederin der wijngaarden. Mijn wijngaard, dien ik heb, heb ik niet gehoed.