The Bible Software
bible.software › Job › Job 20 › Job 20:16

Job 20:16

Het vergif der adderen zal hij zuigen; de tong der slang zal hem doden.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

He shall suck the poison of asps: the viper’s tongue shall slay him.

In Context

15Hij heeft goed ingeslokt, maar zal het uitspuwen; God zal het uit zijn buik uitdrijven.

17De stromen, rivieren, beken van honig en boter zal hij niet zien.

Read all of Job 20

Cross References

Proverbs 11:17Een goedertieren mens doet zijn ziel wel; maar die wreed is, beroert zijn vlees.

Matthew 3:7Hij dan, ziende velen van de Farizeen en Sadduceen tot zijn doop komen, sprak tot hen: Gij adderengebroedsels! wie heeft u aangewezen te vlieden van den toekomenden toorn?

Romans 3:13Hun keel is een geopend graf; met hun tongen plegen zij bedrog; slangenvenijn is onder hun lippen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Job 20:16

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 20:15Job 20Job 20:17 →