Job 29:6
Toen ik mijn gangen wies in boter, en de rots bij mij oliebeken uitgoot;
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
When I washed my steps with butter, and the rock poured me out rivers of oil;
In Context
5Toen de Almachtige nog met mij was, en mijn jongens rondom mij;
7Toen ik uitging naar de poort door de stad, toen ik mijn stoel op de straat liet bereiden.
Cross References
Genesis 49:11Hij bindt zijn jongen ezel aan den wijnstok, en het veulen zijner ezelin aan den edelsten wijnstok; hij wast zijn kleed in den wijn, en zijn mantel in wijndruivenbloed.
Deuteronomy 33:24En van Aser zeide hij: Aser zij gezegend met zonen; hij zij zijn broederen aangenaam, en dope zijn voet in olie.
Psalms 81:16(81:17) En Hij zou het gespijsd hebben met het vette der tarwe; ja, Ik zou u verzadigd hebben met honig uit de rotsstenen.