The Bible Software
bible.softwareJobJob 31 › Job 31:21

Job 31:21

Zo ik mijn hand tegen den wees bewogen heb, omdat ik in de poort mijn hulp zag;

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

If I have lifted up my hand against the fatherless, when I saw my help in the gate:

In Context

20Zo zijn lenden mij niet gezegend hebben, toen hij van de vellen mijner lammeren verwarmd werd;

22Mijn schouder valle van het schouderbeen, en mijn arm breke van zijn pijp af!

Read all of Job 31

Cross References

Job 22:9De weduwen hebt gij ledig weggezonden, en de armen der wezen zijn verbrijzeld.

Job 29:12Want ik bevrijdde den ellendige, die riep, en den wees, die geen helper had.

Proverbs 23:10Zet de oude palen niet terug; en kom op de akkers der wezen niet;

Ezekiel 22:7Vader en moeder hebben zij in u licht geacht; met den vreemdeling hebben zij in het midden van u door verdrukking gehandeld; zij hebben in u den wees en de weduwe verdrukt.

Micah 7:3Om met beide handen wel dapper kwaad te doen, zo eist de vorst, en de rechter oordeelt om vergelding; en de grote spreekt de verderving zijner ziel, en zij draaien ze dicht ineen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Job 31:21

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 31:20Job 31Job 31:22 →