Job 34:18
Zou men tot een koning zeggen: Gij Belial; tot de prinsen: Gij goddelozen!
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
Is it fit to say to a king, Thou art wicked? and to princes, Ye are ungodly?
In Context
Cross References
Exodus 22:28De goden zult gij niet vloeken, en de oversten in uw volk zult gij niet lasteren.
Acts 23:3Toen zeide Paulus tot hem: God zal u slaan, gij gewitte wand! Zit gij ook om mij te oordelen naar de wet, en beveelt gij, tegen de wet, dat men mij zal slaan?
Romans 13:7Zo geeft dan een iegelijk, wat gij schuldig zijt; schatting, dien gij de schatting, tol, dien gij den tol, vreze, dien gij de vreze, eer, dien gij de eer schuldig zijt.
2 Peter 2:10Maar allermeest degenen, die naar het vlees in onreine begeerlijkheid wandelen, en de heerschappij verachten; die stout zijn, zichzelven behagen, en die de heerlijkheden niet schromen te lasteren;