The Bible Software
bible.softwareJobJob 37 › Job 37:6

Job 37:6

Want Hij zegt tot de sneeuw: Wees op de aarde; en tot den plasregen des regens; dan is er de plasregen Zijner sterke regenen.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

For he saith to the snow, Be thou on the earth; likewise to the small rain, and to the great rain of his strength.

In Context

5God dondert met Zijn stem zeer wonderlijk; Hij doet grote dingen, en wij begrijpen ze niet.

7Dan zegelt Hij de hand van ieder mens toe, opdat Hij kenne al de lieden Zijns werks.

Read all of Job 37

Cross References

Genesis 7:10En het geschiedde na die zeven dagen, dat de wateren des vloeds op de aarde waren.

Ezra 10:13Maar des volks is veel, en het is een tijd van plasregen, dat men hier buiten niet staan kan; en het is geen werk van een dag noch van twee; want velen onzer hebben overtreden in deze zaak.

Job 36:27Want Hij trekt de druppelen der wateren op, die den regen na zijn damp uitgieten;

Psalms 147:16Hij geeft sneeuw als wol; Hij strooit den rijm als as.

Proverbs 28:3Een arm man, die de geringen verdrukt, is een wegvagende regen, zodat er geen brood zij.

Ezekiel 13:13Daarom alzo zegt de Heere HEERE: Ja, Ik zal hem door een groten stormwind in Mijn grimmigheid splijten, en er zal een overstelpende plasregen zijn in Mijn toorn, en grote hagelstenen in Mijn grimmigheid, om dien te verdoen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Job 37:6

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 37:5Job 37Job 37:7 →