Job 38:29
Uit wiens buik komt het ijs voort, en wie baart den rijm des hemels?
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
Out of whose womb came the ice? and the hoary frost of heaven, who hath gendered it?
In Context
28Heeft de regen een vader, of wie baart de druppelen des dauws?
30Als met een steen verbergen zich de wateren, en het vlakke des afgrond wordt omvat.
Cross References
Job 37:10Door zijn geblaas geeft God de vorst, zodat de brede wateren verstijfd worden.
Psalms 147:16Hij geeft sneeuw als wol; Hij strooit den rijm als as.