Job 41:32
(41:23) Achter zich verlicht hij het pad; men zou den afgrond voor grijzigheid houden.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
He maketh a path to shine after him; one would think the deep to be hoary.
In Context
31(41:22) Hij doet de diepte zieden gelijk een pot; hij stelt de zee als een apothekerskokerij.
33(41:24) Op de aarde is niets met hem te vergelijken, die gemaakt is om zonder schrik te wezen.
Cross References
Genesis 1:2De aarde nu was woest en ledig, en duisternis was op den afgrond; en de Geest Gods zweefde op de wateren.
Genesis 15:15En gij zult tot uw vaderen gaan met vrede; gij zult in goeden ouderdom begraven worden.
Genesis 42:38Maar hij zeide: Mijn zoon zal met ulieden niet aftrekken; want zijn broeder is dood, en hij is alleen overgebleven; zo hem een verderf ontmoette op den weg, dien gij zult gaan, zo zoudt gij mijn grauwe haren met droefenis ten grave doen nederdalen.
Job 38:16Zijt gij gekomen tot aan de oorsprongen der zee, en hebt gij in het onderste des afgronds gewandeld?
Proverbs 16:31De grijsheid is een sierlijke kroon; zij wordt op den weg der gerechtigheid gevonden.