Jonah 2:3
Want Gij hadt mij geworpen in de diepte, in het hart der zeeen, en de stroom omving mij; al Uw baren en Uw golven gingen over mij henen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
Cross References
Psalms 69:1Een psalm van David, voor den opperzangmeester, op Schoschannim. (69:2) Verlos mij, o God! want de wateren zijn gekomen tot aan de ziel.
Psalms 88:5(88:6) Afgezonderd onder de doden, gelijk de verslagenen, die in het graf liggen, die Gij niet meer gedenkt, en zij zijn afgesneden van Uw hand.
Psalms 116:2Want Hij neigt Zijn oor tot mij; dies zal ik Hem in mijn dagen aanroepen.
Lamentations 3:54Tsade. De wateren zwommen over mijn hoofd; ik zeide: Ik ben afgesneden!
Jonah 1:12En hij zeide tot hen: Neemt mij op, en werpt mij in de zee, zo zal de zee stil worden van ulieden; want ik weet, dat deze grote storm ulieden om mijnentwil over komt.