bible.software › Leviticus › Leviticus 13 › Leviticus 13:44
Leviticus 13:44
Die man is melaats, hij is onrein; de priester zal hem ganselijk onrein verklaren, zijn plaag is op zijn hoofd.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
He is a leprous man, he is unclean: the priest shall pronounce him utterly unclean; his plague is in his head.
In Context
43Als de priester hem zal bezien hebben, dat, ziet, het gezwel van die plaag in zijn kaalheid, of blesse, wit roodachtig is, gelijk het aanzien der melaatsheid van het vel des vleses;
45Voorts zullen de klederen des melaatsen, in wien die plaag is, gescheurd zijn, en zijn hoofd zal ontbloot zijn, en hij zal de bovenste lip bewimpelen; daartoe zal hij roepen: Onrein, onrein!
Read all of Leviticus 13
Cross References
Job 36:14Hun ziel zal in de jonkheid sterven, en hun leven onder de schandjongens.
Matthew 6:23Maar indien uw oog boos is, zo zal geheel uw lichaam duister zijn. Indien dan het licht, dat in u is, duisternis is, hoe groot zal de duisternis zelve zijn!
2 John 1:8Ziet toe voor uzelven, dat wij niet verliezen, hetgeen wij gearbeid hebben, maar een vol loon mogen ontvangen.
This Verse In Other Editions
Study Leviticus 13:44