Leviticus 22:20
Gij zult niet offeren iets, waarin een gebrek is; want het zou niet aangenaam zijn voor u.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
But whatsoever hath a blemish, that shall ye not offer: for it shall not be acceptable for you.
In Context
Cross References
Leviticus 22:25Gij zult ook uit de hand des vreemden van al deze dingen uw God geen spijs offeren; want hun verdorvenheid is in hen, in dezelve is gebrek, zij zouden niet aangenaam zijn voor u.
Deuteronomy 17:1Gij zult den HEERE, uw God, geen os of klein vee offeren, waaraan een gebrek zij of enig kwaad; want dat is den HEERE, uw God, een gruwel.
Malachi 1:13Nog zegt gij: Ziet, wat een vermoeidheid! maar gij zoudt het kunnen wegblazen, zegt de HEERE der heirscharen; gij brengt ook hetgeen geroofd is, en dat kreupel en krank is; gij brengt ook spijsoffer; zou Mij zulks aangenaam zijn van uw hand? zegt de HEERE.
1 Peter 1:19Maar door het dierbaar bloed van Christus, als van een onbestraffelijk en onbevlekt Lam;