Leviticus 26:11
En Ik zal Mijn tabernakel in het midden van u zetten; en Mijn ziel zal van u niet walgen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
And I will set my tabernacle among you: and my soul shall not abhor you.
In Context
10En gij zult het oude, dat verouderd is, eten; en het oude zult gij vanwege het nieuwe uitbrengen.
Cross References
Exodus 25:8En zij zullen Mij een heiligdom maken, dat Ik in het midden van hen wone.
Leviticus 20:23En wandelt niet in de inzettingen des volks, hetwelk Ik voor uw aangezicht uitwerp; want al deze dingen hebben zij gedaan; daarom ben Ik op hen verdrietig geworden.
Joshua 22:19Maar toch, indien het land uwer bezitting onrein is, komt over in het land van de bezitting des HEEREN, waar de tabernakel des HEEREN woont, en neemt bezitting in het midden van ons; maar zijt niet wederspannig tegen den HEERE, en zijt ook niet wederspannig tegen ons, een altaar voor u bouwende, behalve het altaar van den HEERE, onzen God.
1 Kings 8:13Ik heb immers een huis gebouwd, U ter woonstede, een vaste plaats tot Uw eeuwige woning.
Psalms 76:2(76:3) En in Salem is Zijn hut, en Zijn woning in Sion.
Psalms 78:68Maar Hij verkoos den stam van Juda, den berg Sion, dien Hij liefhad.