Mark 9:32
Maar zij verstonden dat woord niet, en zij vreesden Hem te vragen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
But they understood not that saying, and were afraid to ask him.
In Context
Cross References
Mark 8:17En Jezus, dat bekennende, zeide tot hen: Wat overlegt gij, dat gij geen broden hebt? Bemerkt gij nog niet, en verstaat gij niet, hebt gij nog uw verharde hart?
Mark 9:10En zij behielden dit woord bij zichzelven, vragende onder elkander, wat het was, uit de doden opstaan.
Luke 2:50En zij verstonden het woord niet, dat Hij tot hen sprak.
Luke 18:34En zij verstonden geen van deze dingen; en dit woord was voor hen verborgen, en zij verstonden niet, hetgeen gezegd werd.
John 4:27En daarop kwamen Zijn discipelen en verwonderden zich, dat Hij met een vrouw sprak. Nochtans zeide niemand: Wat vraagt Gij, of: Wat spreekt Gij met haar?
John 16:19Jezus dan bekende, dat zij Hem wilden vragen, en zeide tot hen: Vraagt gij daarvan onder elkander, dat Ik gezegd heb: Een kleinen tijd, en gij zult Mij niet zien, en wederom een kleinen tijd, en gij zult Mij zien?