The Bible Software
bible.softwareNehemiaNehemia 10 › Nehemia 10:7

Nehemia 10:7

Mesullam, Abia, Mijamin,

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

Meshullam, Abijah, Mijamin,

In Context

6Daniel, Ginnethon, Baruch,

8Maazia, Bilgai, Semaja. Dit waren de priesters.

Read all of Nehemia 10

Cross References

Nehemiah 3:6En de Oude poort verbeterden Jojada, de zoon van Paseah, en Mesullam, de zoon van Besodja; deze zolderden zij, en richtten haar deuren op, met haar sloten en haar grendelen.

Nehemiah 11:11Seraja, de zoon van Hilkia, den zoon van Mesullam, den zoon van Zadok, den zoon van Merajoth, den zoon van Ahitub, was voorganger van Gods huis;

Nehemiah 12:13Van Ezra, Mesullam; van Amarja, Johanan;

Nehemiah 12:25Matthanja en Bakbukja, Obadja, Mesullam, Talmon en Akkub, waren poortiers, de wacht waarnemende bij de schatkamers der poorten.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Nehemia 10:7

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Nehemia 10:6Nehemia 10Nehemia 10:8 →