Nehemia 2:10
Toen nu Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonietische knecht dat hoorden, mishaagde het hun met groot mishagen, dat er een mens gekomen was, om wat goeds te zoeken voor de kinderen Israels.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
11En ik kwam te Jeruzalem, en was daar drie dagen.
Cross References
Ezra 4:4Evenwel maakte het volk des lands de handen des volks van Juda slap, en verstoorde hen in het bouwen;
Nehemiah 4:1Maar het geschiedde, als Sanballat gehoord had, dat wij den muur bouwden, zo ontstak hij, en werd zeer toornig; en hij bespotte de Joden.
Nehemiah 6:1Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten;
Nehemiah 13:4Eljasib nu, de priester, die gesteld was over de kamer van het huis onzes Gods, was voor dezen nabestaande van Tobia geworden.
Psalms 112:10Resch. De goddeloze zal het zien, en hij zal zich vertoornen; Schin. hij zal met zijn tanden knersen en smelten. Thau. de wens der goddelozen zal vergaan.
Proverbs 27:4Grimmigheid en overloping van toorn is wreedheid; maar wie zal voor nijdigheid bestaan?