Proverbs 14:31
Die den arme verdrukt, smaadt deszelfs Maker; maar die zich des nooddruftigen ontfermt, eert Hem.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
He that oppresseth the poor reproacheth his Maker: but he that honoureth him hath mercy on the poor.
In Context
30Een gezond hart is het leven des vleses; maar nijd is verrotting der beenderen.
Cross References
Leviticus 25:35En als uw broeder zal verarmd zijn, en zijn hand bij u wankelen zal, zo zult gij hem vasthouden, zelfs een vreemdeling en bijwoner, opdat hij bij u leve.
Psalms 12:5(12:6) Om de verwoesting der ellendigen, om het kermen der nooddruftigen, zal Ik nu opstaan, zegt de HEERE; Ik zal in behoudenis zetten, dien hij aanblaast.
Proverbs 17:5Die den arme bespot, smaadt deszelfs Maker; die zich verblijdt in het verderf, zal niet onschuldig zijn.
Proverbs 22:2Rijken en armen ontmoeten elkander; de HEERE heeft hen allen gemaakt.
Proverbs 22:22Beroof den arme niet, omdat hij arm is; en verbrijzel den ellendige niet in de poort.
Matthew 25:40En de Koning zal antwoorden en tot hen zeggen: Voorwaar zeg Ik u: Voor zoveel gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan.