The Bible Software
bible.softwareProverbsProverbs 27 › Proverbs 27:23

Proverbs 27:23

Zijt naarstig, om het aangezicht uwer schapen te kennen; zet uw hart op de kudden.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

Be thou diligent to know the state of thy flocks, and look well to thy herds.

In Context

22Al stiet gij den dwaas in een mortier met een stamper, in het midden van het gestoten graan, zijn dwaasheid zou van hem niet afwijken.

24Want de schat is niet tot in eeuwigheid; of zal de kroon van geslacht tot geslacht zijn?

Read all of Proverbs 27

Cross References

Genesis 33:13Maar hij zeide tot hem: Mijn heer weet, dat deze kinderen teder zijn, en dat ik zogende schapen en koeien bij mij heb; indien men dezelve maar een dag afdrijft, zo zal de gehele kudde sterven.

Deuteronomy 32:46Zo zeide hij tot hen: Zet uw hart op al de woorden, die ik heden onder ulieden betuige, dat gij ze uw kinderen gebieden zult, dat zij waarnemen te doen al de woorden dezer wet.

1 Chronicles 27:29En over de runderen, die in Saron weidden, was Sitrai, de Saroniet; maar over de runderen in de laagten, was Safat, de zoon van Adlai.

Proverbs 24:32Als ik dat aanschouwde, nam ik het ter harte; ik zag het, en nam onderwijzing aan;

Ezekiel 34:31Gij nu, o Mijn schapen, schapen Mijner weide! gij zijt mensen; maar Ik ben uw God, spreekt de Heere HEERE.

John 21:15Toen zij dan het middagmaal gehouden hadden, zeide Jezus tot Simon Petrus: Simon, zoon van Jonas, hebt gij Mij liever dan dezen? Hij zeide tot Hem: Ja, Heere! Gij weet, dat ik U liefheb. Hij zeide tot hem: Weid Mijn lammeren.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Proverbs 27:23

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Proverbs 27:22Proverbs 27Proverbs 27:24 →