Proverbs 29:7
De rechtvaardige neemt kennis van de rechtzaak der armen; maar de goddeloze begrijpt de wetenschap niet.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
The righteous considereth the cause of the poor: but the wicked regardeth not to know it.
In Context
6In de overtreding eens bozen mans is een strik; maar de rechtvaardige juicht en is blijde.
8Spotdrijvende lieden blazen een stad aan brand; maar de wijzen keren den toorn af.
Cross References
1 Samuel 25:25Mijn heer stelle toch zijn hart niet aan dezen Belials man, aan Nabal; want gelijk zijn naam is, alzo is hij; zijn naam is Nabal, en dwaasheid is bij hem; en ik, uw dienstmaagd, heb de jongelingen van mijn heer niet gezien, die gij gezonden hebt.
Job 31:13Zo ik versmaad heb het recht mijns knechts, of mijner dienstmaagd, als zij geschil hadden met mij;
Psalms 31:7(31:8) Ik zal mij verheugen en verblijden in Uw goedertierenheid, omdat Gij mijn ellende hebt aangezien, en mijn ziel in benauwdheden gekend;
Psalms 72:12Want hij zal den nooddruftige redden, die daar roept, mitsgaders den ellendige, en die geen helper heeft.
Proverbs 31:8Open uw mond voor den stomme, voor de rechtzaak van allen, die omkomen zouden.
Jeremiah 22:15Zoudt gij regeren, omdat gij u mengt met den ceder? Heeft niet uw vader gegeten en gedronken, en recht en gerechtigheid gedaan, en het ging hem toen wel?