Psalmen 10:11
Hij zegt in zijn hart: God heeft het vergeten, Hij heeft Zijn aangezicht verborgen, Hij ziet niet in eeuwigheid.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
He hath said in his heart, God hath forgotten: he hideth his face; he will never see it.
In Context
10Hij duikt neder, hij buigt zich; en de arme hoop valt in zijn sterke poten.
12Sta op, HEERE God! hef Uw hand op, vergeet de ellendigen niet.
Cross References
Job 22:13Daarom zegt gij: Wat weet er God van? Zal Hij door de donkerheid oordelen?
Psalms 59:8(59:9) Maar Gij, HEERE! zult hen belachen; Gij zult alle heidenen bespotten.
Psalms 64:6(64:7) Zij doorzoeken allerlei schalkheid; ten uiterste doorzoeken zij, wat te doorzoeken is; zelfs het binnenste eens mans, en het diepe hart.
Psalms 94:7En zeggen: De HEERE ziet het niet, en de God van Jakob merkt het niet.
Ezekiel 8:12Toen zeide Hij tot mij: Hebt gij gezien, mensenkind, wat de oudsten van het huis Israels doen in de duisternis, een ieder in zijn gebeelde binnenkameren? want zij zeggen: De HEERE ziet ons niet, de HEERE heeft het land verlaten.
Hosea 7:2En zij zeggen niet in hun hart, dat Ik al hunner boosheid gedachtig ben; nu omsingelen hen hun handelingen, zij zijn voor Mijn aangezicht.