Psalmen 10:8
Hij zit in de achterlage der hoeven, in verborgene plaatsen doodt hij den onschuldige; zijn ogen verbergen zich tegen den arme.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
7Zijn mond is vol van vloek, en bedriegerijen, en list; onder zijn tong is moeite en ongerechtigheid.
Cross References
Judges 9:25En de burgers van Sichem bestelden tegen hem, die op de hoogten der bergen lagen leiden, en al wie voorbij hen op den weg doorging, beroofden zij; en het werd Abimelech aangezegd.
1 Samuel 23:23Daarom ziet toe, en verneemt naar alle schuilplaatsen, in dewelke hij schuilt; komt dan weder tot mij met vast bescheid, zo zal ik met ulieden gaan; en het zal geschieden, zo hij in het land is, zo zal ik hem naspeuren onder alle duizenden van Juda.
Job 24:14Met het licht staat de moorder op, doodt den arme en den nooddruftige; en des nachts is hij als een dief.
Psalms 94:6De weduwe en den vreemdeling doden zij, en zij vermoorden de wezen.
Proverbs 6:12Een Belialsmens, een ondeugdzaam man gaat met verkeerdheid des monds om;
Jeremiah 22:17Maar uw ogen en uw hart zijn niet dan op uw gierigheid, en op onschuldig bloed, om dat te vergieten, en op verdrukking en overlast, om die te doen.