Psalmen 105:32
Hij maakte hun regen tot hagel, vlammig vuur in hun land.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
He gave them hail for rain, and flaming fire in their land.
In Context
31Hij sprak, en er kwam een vermenging van ongedierte, luizen, in hun ganse landpale.
33En Hij sloeg hun wijnstok en hun vijgeboom, en Hij brak het geboomte hunner landpalen.
Cross References
Exodus 9:18Zie, Ik zal morgen omtrent dezen tijd een zeer zwaren hagel doen regenen, desgelijks in Egypte niet geweest is van dien dag af, dat het gegrond is, tot nu toe.
Psalms 78:47Hij doodde hun wijnstok door den hagel, en hun wilde vijgebomen door vurigen hagelsteen.
Revelation 11:19En de tempel Gods in de hemel is geopend geworden, en de ark Zijns verbonds is gezien in Zijn tempel; en er werden bliksemen, en stemmen, en donderslagen, en aardbeving, en grote hagel.